wat alleen het hart wist

Ze zat daar.

Waar niemand haar had zien komen, alsof ze uit een scheur in het licht was gevallen.

Het licht viel vreemd om haar heen, alsof de zon haar kende. Alsof de dag zelf een stap terug had gezet om haar ruimte te geven.

Het gras boog onder haar en de lucht leek haar adem in te houden. Niets bewoog, behalve haar vingers.

Er was geen begin, geen aankondiging. Alleen de klank van iets dat zich langzaam ontrolde, als rook tussen twee werelden.

De accordeon ademde op het ritme van iets ouds. Iets dat al bestond vóór taal, vóór verlangen en misschien zelfs vóór de tijd zelf.

Ze raakte de toetsen zoals iemand een droom aanraakt waaruit hij nog niet wil ontwaken. Zacht. Bijna bevend van betekenis.

Wat klonk, was geen muziek.

Het was de echo van iets dat lang geleden werd gefluisterd door een stem die niemand zich nog herinnert, maar die ieder hart onmiddellijk herkent.

Ogen knepen zich tot luisteren en harten werden even breekbaar als porselein.

Er hing iets in de lucht wat niemand durfde te benoemen. Een gevoel dat misschien van vóór deze tijd kwam.

De mensen hielden hun adem niet in; hun adem hield zichzelf stil. Niet uit angst, maar uit eerbied voor iets dat zich maar zelden laat zien.

Tijd leek los te komen van haar ankers. Heel even dreef zij boven het gras, vloog ze op en fluisterde ze iets wat niemand begreep, maar wat iedereen voelde in een taal die geen mond nodig heeft.

En toen het stil werd, was de stilte niet leeg.

Ze droeg iets met zich mee.

Iets van daar, waar woorden nooit komen.

Previous
Previous

waar het licht stil fluisterd

Next
Next

wat verborgen blijft